De carnavalsstichting Tilburg werd opgericht in 1965. Dat gebeurde niet zomaar: ruim honderd jaar lang was openbaar carnaval in Tilburg verboden. Vergeleken met andere carnavalssteden is carnaval in Kruikenstad dus nog best jong.
De naam Kruikenstad verwijst naar het textielverleden van Tilburg. In de tijd van de wolindustrie werd urine gebruikt bij het verwerken van wol. Tilburgse arbeiders namen die urine mee naar de fabriek in een kruik. Buiten de stad werden de daarom ‘kruikenzeikers’ genoemd. Toen de urine later werd vervangen door chemicaliën, verdween het gebruik, maar de bijnaam bleef hangen. Lange tijd als scheldnaam voor de Tilburgers.
Toen in carnaval 1965 weer openbaar gevierd mocht worden, koos men eerst voor een levensgrote kruik als symbool van Carnaval in Kruikenstad. Dat beeld hield het niet lang vol en werd in 1967 vernield. Er moest dus iets anders komen. De oplossing werd gevonden in de Kruikenzeiker. Daarmee veranderde een scheldnaam naar een guezennaam.